De Bokkerijders

Daar Arthur vooralsnog niet stopt met het fenomeen Bokkerijders, heeft hij deze keer een boek geschreven dat uitgebreider ingaat op het leven ven de mensen in de 18e eeuw. Hierdoor heeft dit boek ook meer pagina’s dan de vorige vijf uitgaven. Gezien het feit dat de bendeleden hun voortbestaan moesten leiden aan de rand van

De Bokkerijders

De boeken van Arthur zijn een aanvulling op de z.g. “Vaderlandse Geschiedenis”. Helaas vindt men hierin niets terug over de historie van het oude Hertogdom Limburg. Limburgers weten amper iets over hun historie en hebben met de z.g. Hollanders weinig gemeen wat betreft geloof, cultuur, festiviteiten en historie. Het is dan ook niet vreemd dat

De ridder zonder zwaard

Al in de middeleeuwen bestonden er een aantal verbindingswegen tussen het stroomgebied van Rijn en Maas, die als handelsroutes van groot belang waren. Ter hoogte van het huidige Zuid-Limburg liep één zo’n route parallel aan de huidige Geleenbeek, die het hoger gelegen oostelijke deel rond het hedendaagse Heerlen verbond met het lager gelegen Maasdal van

Doorspek 1

Doorspek zijn gedichtenbundels, die bestaan uit vele alledaagse, niet-alledaagse, bijzondere en ook grappige thema’s. Deze worden doorspekt met actualiteit, (auto)biografie, vrijwilligerswerk, natuur en woordspelingen. De vorm, waarin de gedichten zijn geschreven, zorgt voor een verrassende afwisseling bij het lezen. De spinsels nodigen uit tot het meegaan in fantasie, maar ook om na te denken. Inhoudelijk

Vakantie in Limburg

Er is geen vakantie geweest, binnen of buiten de landsgrenzen van mijn dierbare Nederland, waarin ik zulke boeiende mensen ontmoette als in het lieflijke Limburg. Het zou een gemiste kans zijn u onkundig te laten van Bas, de schier alomtegenwoordige pensionhouder, met zijn verbluffende hoeveelheid mensenkennis, en van Joppie, die maar niet wilde begrijpen dat

(Echte) Limburgers kalle plat

Laot ozze cultuur en identiteit neet verlaore gaon! Sjpas en sjpie, nóndepieversjangelere, vraatsjele, pien in mien ziewuiles, waggelvot, ’n aw sjtoof’t is sjus of dat oetsjpraeke neet miè hoofGreumele-, kraosjele- of proemevlaaifluitkiès, flume,flabbes, e kröpke sjlaaiwauwelaer, gooj blötsj, sjaasmoelopa wirkde vreuger nog op de koelBragkelaer, babbelaer, doe sjravelvotwat ‘ne kraom, dat is allenej snoefrotfispernölle, fizzelebrième,